Roodmus 11 · 102, 121 · 0
Erythrina erythrina · Common Rosefinch
CDNA beoordeelsoort:
t/m 1991Broedt van Nederland en Zuid-Noorwegen oost tot Mongolië en Oost-Siberië; overwintert in India, Zuidoost-Azië en China.
Het eerste succesvolle broedgeval vond plaats in 1987 op Schiermonnikoog, Friesland; sindsdien broedde de soort jaarlijks in toenemend aantal. De doorbraak kwam reeds in 1987 toen ten minste 42 exemplaren werden vastgesteld. Het eerste broedgeval vond plaats op 6 juni-7 juli 1987 op Schiermonnikoog, Friesland, met ten minste één uitgevlogen jong (DB 10: 174-175, 1988; 11: 161, 1989; 17: 97, 1995; LM 61: 172, 1988; 62: 205, 1989; 69: 18,1996). Vanaf 1987 begon het aantal gevallen dat werd ingediend bij de CDNA steeds verder achter te lopen bij het aantal dat in werkelijkheid aanwezig was. Het was duidelijk dat waarnemers niet meer bereid waren beschrijvingen op te stellen en in te dienen van een soort die zij niet meer als zeldzaam beschouwden. Zo werd het aantal broedparen in 1989 geschat op 15 waarvan naar verluidt zeven in Flevoland en vier op Texel, Noord-Holland, terwijl er voor dat jaar slechts acht exemplaren werden ingediend en aanvaard (cf DB 13: 54, 1991). Illustratief voor de toegenomen talrijkheid is dat er in 1991 14 exemplaren werden geringd tussen 17 juni en 26 augustus op een enkele ringplaats langs de Oostvaardersdijk, Almere, Flevoland (DB: 15: 156, 1993). In 1992 was het aantal broedparen toegenomen tot 54 met c 80% op Waddeneilanden en de rest in Flevoland en de Hollandse duinstreek (cf van Dijk et al 1994). De hoogste dichtheid was toen op Schiermonnikoog waar 16 territoria werden gevonden en ten minste één nest dat op 7 juni het eerste ei bevatte en waaruit vijf jongen uitvlogen (LM 66: 67-69, 1993). De soort wordt vanaf 1 januari 1992 niet langer door de CDNA beoordeeld.
Zeldzame vogels van Nederland [2001]





Arnoud B van den Berg · Roodmus · 10-06-1983
Arnoud B van den Berg · Roodmus · 10-06-1983
Dick Groenendijk · Roodmus · 25-06-1988